geur

Thesaurus
Vertalingen

geur

Duft, Geruch, Aroma, Parfümodor, odour, scent, aroma, flavour, smell, perfume, fragrantodeur, arôme, parfum, senteur, fleurolor, fraganciacheiro, aroma, odoraroma, odore, profumoرَائِحَة, رَائِحَةٌ, عِطْرpach, vůněduft, lugtμυρωδιά, οσμήhaju, tuoksumirisにおい냄새, 악취duft, luktzapachзапах, обоняниеdoft, luktกลิ่นkokuhương thơm, mùi气味, 香味 (xør)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -en
wat je ruikt bloemengeur
iets levendig en met alle details vertellen