gemaal

Vertalingen

gemaal

(xəˈmal) mannelijk meervoud -malen

gemalin

(xəmaˈlïn) vrouwelijk meervoud -nen
zelfstandig naamwoord
persoon met wie je getrouwd bent

gemaal

Ehemann, Gatte, Gemahl, Gespons, Schrankehusbandépoux, inconvénient, mari, moutureesposoconiuge, consorte, marito, omo, sposo (xəˈmal)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -malen
grote waterpomp Nederland wordt droog gehouden met gemalen.