gebod

Vertalingen

gebod

Gebot, Anlaß, Befehl, Edikt, Weisungcommand, ordercommandement, impératifзаповедьprzykazanie계명الوصيةcomandamentomandamientoεντολήmandamento (xəˈbɔt)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -en
wat door een hoge autoriteit is bevolen, bijvoorbeeld door de wet of door God een gebod uitvaardigen een gebod nakomen/gehoorzamen een gebod overtreden
de tien voorschriften die God aan Mozes gaf
zich van niemand en niets iets aantrekken