gat

Vertalingen

gat

Loch, After, Arsch, Gesäß, Grube, Höhlung, Öffnung, Vertiefung, Kaffhole, aperture, backside, opening, rump, cave, cavitytrou, creux, derrière, cavité, orifice, ouverture, bled, excavation, lumière, cul, brècheπρωκτός, τρύπαagujeroburacotorso, bucoحُفْرَةdírahulreikärupa구멍hulldziuraдыраhålรูdeliklỗдупкаחור (xɑt)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -en
1. opening of holte een gat graven een gat boren een gat vullen/dichten
erg blij zijn
geen oplossing zien
nieuwe schulden maken om oude schulden te betalen
meer geld uitgeven dan je hebt
de moed niet snel verliezen
iets snappen of doorzien
in een sombere, onzekere situatie terechtkomen
lang uitslapen
mogelijkheid om een (nieuw) product te verkopen
<dit zeg je tegen iemand die je wegstuurt>
2. billen op je gat vallen
het bedrijf is inactief, er gebeurt niets
3. heel klein, onbelangrijk dorp in een gat wonen gaatje