fakkel

Thesaurus

fakkel:

flambouwtoorts,
Vertalingen

fakkel

Fackeltorch, linktorche, flambeauantorcha火炬latarka火炬הלפידالشعلة (ˈfɑkəl)
zelfstandig naamwoord meervoud -s
stok met aan het einde een brandbare stof een circusact met brandende fakkels