ergernis

Thesaurus

ergernis:

wrevelirritatie,
Vertalingen

ergernis

Ärgernis, Skandalcommotion, offence, scandalagacement, scandale, irritation, contrariété, exaspération, désolation, peineirritaçãoרוגז (ˈɛrxərnɪs)
zelfstandig naamwoord vrouwelijk meervoud -sen
iets wat je heel vervelend vindt De vele treinvertragingen zijn een bron van ergernis voor de reizigers.