| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.786.431.462 Bezoekers. |
|
gat |
0,01 sec. |
|
gat zn onz gat (-en mv) [xɑt]
1 opening of holte een gat graven een gat boren een gat vullen/dichten 2 billen op je gat vallen 3 heel klein, onbelangrijk dorp;= gehucht in een gat wonen see also gaatjeeen gat in de lucht springen erg blij zijn er geen gat in zien geen oplossing zien het ene gat met het andere vullen nieuwe schulden maken om oude schulden te betalen een gat in je hand hebben meer geld uitgeven dan je hebt niet voor één gat te vangen zijn de moed niet snel verliezen iets in de gaten hebben iets snappen of doorzien in een zwart gat vallen in een sombere, onzekere situatie terechtkomen een gat in de dag slapen lang uitslapen een gat in de markt mogelijkheid om een (nieuw) product te verkopen Daar is het gat van de deur! dit zeg je tegen iemand die je wegstuurt het bedrijf ligt op zijn gat het bedrijf is inactief, er gebeurt niets Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|