| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.782.562.011 Bezoekers. |
|
eigen |
0,01 sec. |
|
eigen bn eigen [ˈɛixə(n)] van jezelf
Bemoei je met je eigen zaken! op eigen risico op eigen benen staan zelfstandig zijnje het Nederlands eigen maken Nederlands leren Thesaurus eigen: inherent Vertalingen eigen domestique, personnel, propre, relatif à la maison, caractéristique (de), intime (avec), propre (à), particulier, même, individualité eigen ملكه eigen vlastní eigen egen eigen ίδιος eigen propio eigen oma eigen vlastit eigen proprio eigen 自分自身の eigen 자기 자신의 eigen egen eigen własny eigen próprio eigen собственный eigen egen eigen ที่เป็นของตัวเอง eigen kendi eigen của chính mình eigen 自己的 Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|