| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.786.174.514 Bezoekers. |
|
zacht |
0,01 sec. |
|
zacht bn zacht [zɑxt]
1 gemakkelijk in te drukken, te buigen enz.; hard een zacht kussen een zachte huid een zacht ei 2 zonder grote druk een zacht klopje op de schouder 3 met weinig lawaai; hard; luid De radio speelt zacht. 4 van weer aangenaam en niet koud een zachte winter 5 van kleuren niet schel; fel een interieur in zachte tinten roze 6 niet sterk of heftig voor het gevoel een zacht briesje 7 langzaam; snel; hard Vlakbij de school ging hij zachter rijden. met zachte hand zonder dwang een zachte dood een dood zonder veel lijden Vertalingen zacht doux, gentil, mœlleux, mou, suave, sucré, tendre, doucement, doux/douce, mollement, mou/mol/molle, souple, bas/basse, moelleux, clément, délicat, délicatement zacht blando zacht ناعم zacht měkký zacht blød zacht μαλακός zacht pehmeä zacht mekan zacht 柔らかい zacht 부드러운 zacht myk zacht miękki zacht macio zacht мягкий zacht mjuk zacht อ่อนนุ่ม zacht yumuşak zacht mềm zacht 软的 Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|