dubbel

Thesaurus

dubbel:

tweeduo, stuntman,
Vertalingen

dubbel

doppelt, zweifachdouble, dualdouble, (en) double, deux fois, deux fois plus, jumelédoppio, duplicare, sosiaمُزْدَوِجdvojitýdobbeltδιπλόςdoblekaksinkertainendvostruk2倍の두 배의dobbelpodwójnyduploдвойнойdubbelเป็นคู่çiftgấp đôi双倍的, כפול (ˈdʏbəl)
bijvoeglijk naamwoord
enkel twee keer alles dubbel zien
ruimschoots Je hebt het dubbel en dwars verdiend!