draai

Thesaurus
Vertalingen

draai

Wende, Wendungturntour, tournant, tournure (draj)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -en
1. keer dat iets draait Het vliegtuig maakt een draai naar rechts.
(een situatie) een beetje anders voorstellen dat hij is
2. je niet prettig voelen Ik woon hier al lang, maar ik kan mijn draai nog niet vinden.
3. een klap op je hoofd krijgen Hou op, anders krijg je een draai om je oren.