dokter

Vertalingen

dokter

Arzt, Doktordoctor, physicianmédecin, docteur, docteur médecin, docteur/-eureγιατρόςmédico, doctordoutor, médicoطَبِيبlékařlægelääkäriliječnikdottore医者의사legelekarzврачläkareแพทย์doktorbác sĩ医生лекар醫生הרופא (ˈdɔktər)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -s
iemand die als beroep heeft zieke mensen beter te maken naar de dokter gaan met een zere voet Als een kwaal moeilijk of ernstig is stuurt de dokter je naar een specialist.