| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.784.106.723 Bezoekers. |
|
dienst |
0,02 sec. |
|
dienst zn m dienst (-en mv) [dinst]
1 keer dat je iemand helpt Je bewijst een blinde vrouw een dienst als je haar helpt met oversteken. Een automatiseringsbedrijf verleent betaalde diensten aan andere bedrijven om de computers goed te laten werken. 2 afdeling met een eigen takenpakket De technische dienst komt alles repareren. geneeskundige dienst 3 tijd dat je werkt Als mijn dienst is afgelopen, ga ik naar huis om te eten. 4 g.mv. mv tijd dat een soldaat in het leger is in militaire dienst zijn iemand in dienst nemen iemand aannemen als werknemer de dienst uitmaken de baas zijn Ik maak hier de dienst uit. buiten dienst zijn niet gebruikt kunnen worden De lift is buiten dienst omdat hij kapot is. dienst doen als de functie hebben van;= fungeren als Een muurtje kan dienst doen als plaats om te zitten. Thesaurus Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|