defect

Vertalingen

defect

(dəˈfɛkt)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -en
iets dat kapot is of niet goed werkt Die auto heeft een defect aan de remmen.

defect

defekt, Verderbnis, Mangel, fehlerhaft, Schadenbroken, brokendown, damage, damaged, outoforder, breakdown, defect, faultydéfaut, dégât, préjudice, vice, défectueux, défectueux/-euse, dérangé, en panne, panne (de moteur), défaillance, dérangement, détraqué, panneavarìa, rotto, difetto, difettosoخَلَل, مَعِيبvada, vadnýdefektατελής, ελάττωμαdefecto, defectuosoviallinen, vikanedostatak, pokvaren欠陥, 欠陥のある결점, 결점이 있는defekt, mangelwada, wadliwydefeito, defeituosoдефект, неисправныйbrist, felaktigข้อบกพร่อง, ซึ่งมีข้อผิดพลาดhatalı, kusurbị lỗi, khuyết điểm有缺点的, 缺陷 (dəˈfɛkt)
bijvoeglijk naamwoord
niet goed werkend; kapot een defecte motor