overdoen aan

(doorverwezen van deed over aan)
Vertalingen

overdoen aan

(ˈovərdun an)
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd deed over aan , voltooid deelwoord heeft overgedaan aan
(iets) aan iemand anders in eigendom geven, al dan niet na betaling Ik heb vaders muntenverzameling overgedaan aan mijn nichtje.