| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.786.603.017 Bezoekers. |
|
klein |
0,02 sec. |
|
klein bn klein [klɛin]
1 als de afmetingen van iets of iemand minder zijn dan meestal of dan gewenst; groot Ik ben klein voor mijn leeftijd. een kleine auto Die broek is te klein. 2 jong kleine kinderen hebben Zij zijn te klein voor die film. 3 gering in aantal, hoeveelheid of aanzien een klein beetje suiker in de thee Ik kan je dit voor een klein prijsje verkopen. een klein... iets minder dan... We kennen elkaar nu een klein jaar. een kleine eter iemand die niet veel eet de kleine man mensen met een laag inkomen Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|