daar


Zoekopdrachten gerelateerd aan daar: daad
Thesaurus
Vertalingen

daar

(dar)
bijwoord
1. hier <dit zeg je als je naar iets wijst of iets bedoelt dat verder weg is> De bibliotheek is daar, achter die huizen. Ik ga graag naar mijn oma. Daar zijn leuke dingen te doen.
dat kan nog net; dat is nog te begrijpen Een keertje dronken zijn als je jong bent is nog tot daar aan toe, maar erger moet het niet worden.
2. <als los woord dat eigenlijk samen met een voorzetsel een ander woord vormt en dan iets zegt over wat al eerder gezegd is> Dat is geheim. Ik mag daar niets over zeggen. Dat is geheim. Ik mag daarover niets zeggen. Hij gaat staan en stoot daarbij zijn knie. Wil je daar voortaan aan denken?
3. <vaak zonder duidelijke betekenis> Wie is daar? Ze ruimen niets op. Daar zijn het kinderen voor.

daar

da, denn, dort, weil, erthere, because, yonder, as, atthatplace, for, forthereasonthat, overthere, since, yon, over therecomme, , y, car, parce que, puisque, là-bas, attendu que, vu que, (voi)là, il y aεπειδή, εκείтам, вотهُنَاكَtamderahí, allí, haber-llä, -ssä, -lla, -ssa, siellätamoci, そこに거기에der, detnie tłumaczy się na język polski w połączeniu z czasownikiem, tamali, estar, haver/existirdär, detที่นั่น, ที่นั่น ตรงนั้นoradacó, ở đó在那里, 那里 (dar)
voegwoord
<als je een reden voor iets geeft> Ik ga verhuizen, daar mijn huis te klein wordt.