complex

Thesaurus

complex:

ingewikkeld
Vertalingen

complex

(kɔmˈplɛks)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -en
1. geheel van dingen die bij elkaar horen Door een complex van factoren kan het feest niet doorgaan. bedrijvencomplex
2. psychologie ongunstige gevoelens over jezelf waar je last van hebt minderwaardigheidscomplex

complex

Komplexcomplexcomplexe, amalgame, compliqué, ensemble, groupe, collectifمُرَكَّبkomplex, složitýkompleksσύμπλεγμα, σύνθετοςcomplejo-keskus, monimutkainenkompleks, složencomplesso複合の, 複合体복잡한, 복합체kompleks, sammensattkompleks, złożonycomplexoкомплекс, комплексныйkomplex, kompliceradคอมเพล็กซ์, ซับซ้อนkarmaşık, kompleksphức tạp, tòa phức hợp复杂的, 联合体, 复杂комплекс複雜מורכבות (kɔmˈplɛks)
bijvoeglijk naamwoord
moeilijk, ingewikkeld complexe leerstof