compact

Thesaurus

compact:

klein
Vertalingen

compact

kompakt, fest, massig, dicht gedrängtcompact, succinct, densecompact, dense, serré, massifكَثِيف, مَضْغُوطhustý, kompaktníkompakt, tætπυκνός, συμπιεσμένοςcompacto, denso, espesotiheä, tiivisgust, kompaktancompatto, densoぎっしり詰まった, 密集した밀집한, 빽빽하게 찬kompakt, ugjennomtrengeliggęsty, kompaktowycompacto, densoгустой, компактныйkompakt, tätกระชับ, หนาแน่นderli toplu, sıkđậm đặc, kết chặt稠密的, 紧凑的компактен (kɔmˈpɑkt)
bijvoeglijk naamwoord
1. dicht op elkaar gedrukt gehakt, ei en kruiden tot een compacte massa kneden
2. klein Een compacte radio is makkelijk mee te nemen.