coach

Vertalingen

coach

coach, entraîneurcoachمُدَرِّبtrenértrænerTrainerπροπονητήςentrenadorvalmentajatrenerallenatoreコーチ코치trenertrenertreinador, técnicoтренерtränareครูฝึกกีฬาkoçhuấn luyện viên教练教練треньор (kotʃ)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -es
1. sport iemand die de spelers traint en tot goede prestaties probeert te brengen voetbalcoach
2. iemand die als beroep adviezen en begeleiding geeft Bijna iedere politicus heeft een coach.