cassette

Thesaurus

cassette:

cassettebandje
Vertalingen

cassette

Kassettecassettecassette, coffret, cartouche, coffret à couverts, ménagère, chargeurcassettaكَاسِيتkazetakassetteκασέταcasetekasettikazetaカセット카세트kassettkasetacassete, fita casseteкассетаkassettตลับเทปkasetbăng cassette盒式磁带 (kɑˈsɛtə)
zelfstandig naamwoord meervoud -n, -s
1. doos of koffertje een cassette met geld en sieraden
2. doosje met geluidsband die je kunt afspelen Cassettes zijn bijna niet meer te koop.