| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.781.839.223 Bezoekers. |
|
huwelijk |
0,02 sec. |
|
huwelijk zn onz huwelijk (-en mv) [ˈhywələk]
1 keer dat je trouwt;= huwelijksdag;= trouwerij aan familie en vrienden je huwelijk aankondigen met een trouwkaart 2 toestand dat je getrouwd bent Na een huwelijk van zeven jaar, ging het mis en gingen ze scheiden. burgerlijk huwelijk huwelijk voor de ambtenaar van de gemeente kerkelijk huwelijk huwelijk voor de pastor van de kerk Vertalingen huwelijk Ehe, Heirat, Hochzeit, Vermählung huwelijk matrimonio huwelijk matrimonio, stato matrimoniale huwelijk زواج huwelijk manželství huwelijk ægteskab huwelijk γάμος huwelijk avioliitto huwelijk brak huwelijk 結婚 huwelijk 결혼 huwelijk ekteskap huwelijk małżeństwo huwelijk casamento huwelijk брак huwelijk äktenskap huwelijk การแต่งงาน huwelijk evlilik huwelijk sự kết hôn huwelijk 婚姻 Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|