bruut

Thesaurus
Vertalingen

bruut

(bryt)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud bruten
gewelddadige man

bruut

brutal, Viehbrute, harsh, brutal, headofcattlebrutal, brute, tête de bétail, brutalement, sauvage, violemment, bestialوَحُشِيّbrutálníbrutalκτηνώδηςbrutalraakabrutalanbrutale残忍な잔인한brutalbrutalnybrutalжестокийbrutalโหดร้ายvahşitàn bạo残忍的 (bryt)
bijvoeglijk naamwoord
die of dat gewelddadig is met brute kracht