braden

Vertalingen

braden

braten, röstenroast, toast, frygriller, rôtir, (faire) frire/rôtir, se rôtir (au soleil), cuissoncuocio (ˈbradə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd braadde , voltooid deelwoord heeft gebraden
(vlees) door verhitting met vet gaar en bruin laten worden