bondgenoot

Thesaurus

bondgenoot:

partnermedestander, gelijkgezinde, medestrijder, geallieerde, geestverwant,
Vertalingen

bondgenoot

allié/alliée, coalisé, confédéré, alliéحَلِيفspojenecallieretVerbündeterσύμμαχοςallyaliadoliittolainensaveznikalleato同盟国동맹국alliertsojusznikaliadoсоюзникallieradสัมพันธมิตรmüttefikđồng minh同盟国, 盟友съюзникברית盟友 (ˈbɔntxənot)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -genoten
iemand die je helpt