bloesem

Vertalingen

bloesem

blossomfleur, fleursBlüteцветокfiorituraزَهْرَةkvětblomstringμπουμπούκιflorkukintocvatblomstkwiecieflor de árvoreblommaดอกไม้tomurcukhoa开花 (ˈblusəm)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -s
kleine bloemetjes aan een boom De appelboom heeft bloesem in de lente.