bloei

Vertalingen

bloei

Blüte, Florprosperity, successprospérité, essor, fleur, floraisonsuccesso (bluj)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud
(van planten en bomen) tijd dat ze bloemen hebben in bloei staan
in de krachtigste fase van je leven Hij is op zijn veertigste in de bloei van zijn leven.