overblijven

(doorverwezen van bleef over)
Thesaurus

overblijven:

resteren
Vertalingen

overblijven

bleiben, übrigbleibenremain, stay, stayover, vestigialrester, être en retenue [punition], rester à faire, rester garçon/fille, survivrepermanecerforblivepozostaćzůstat (ˈovərblɛivə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd bleef over , voltooid deelwoord is overgebleven
1. blijven als de rest weg is Als mijn broer mee-eet blijft er nooit iets over.
2. op school blijven in de middagpauze Er blijven steeds meer kinderen over.