biljet

Vertalingen

biljet

Billett, Fahrkarte, Kartenote, ticket, billbillet, ticketappunto, biglietto, notabene, notazione, ordito (bɪlˈjɛt)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -ten
1. stuk papier waarop iets staat toegangsbiljet aanplakbiljet
2. officieel stuk papier een aanslagbiljet van de belasting een biljet van twintig euro