| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.723.450.280 Bezoekers. |
|
bewegen |
0,03 sec. |
|
bewegen ww bewegen (bewoog enk ovt; heeft bewogen volt deelw) [bəˈwexə(n)] veranderen van plaats, stand of houding
Zit stil en beweeg niet! de slinger heen en weer bewegen zich in de hoogste kringen bewegen omgaan met belangrijke mensen Vertalingen bewegen berühren, bewegen, ergreifen, erregen, erschüttern, rühren, sich bewegen, fortbewegen bewegen affecter, déterminer, émouvoir, mouvoir, remuer, se déplacer, actionner, bouger, porter (qn à), pousser (qn à), jouer, déplacer bewegen commuòvere, muovere, traslocare bewegen odstěhovat (se), přesunout bewegen flytte bewegen siirtää, siirtyä bewegen pomaknuti, seliti se bewegen 動かす, 動く bewegen (...을) 움직이다 bewegen flytte bewegen ruszyć, ruszyć się bewegen flytta, röra (sig) bewegen เคลื่อน เปลี่ยนตำแหน่ง, ทำให้สะเทือนใจ กระตุ้น bewegen kımıldanmak, kımıldatmak bewegen chuyển chỗ, di chuyển bewegen 移动 Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|