beter

Vertalingen

beter

besser, vielmehrbetter, rather, rankingmieux, meilleur, meilleur (que), préférable, rétabli, supérieur (à), supérieurmigliore, meglioأَحْسَن, أَفْضَلlépe, lepšíbedreκαλύτερα, καλύτεροςmejorparemmin, parempibolje, boljiよりよい, よりよく, 前より具合が良い더 잘, 더 좋은bedre, godlepiej, lepszymelhorлучше, лучший, поправившийсяbättreดีกว่า, ดีขึ้น, มาตรฐานที่ดีกว่าdaha iyi, daha iyisitốt hơn好转的, 更好地, 较好的טוב יותר (ˈbetər)
bijvoeglijk naamwoord
1. <vergrotende trap van 'goed'> Dit fototoestel is goed, maar dat andere is beter.
dat is alleen maar beter
even slecht zijn als zijn broer
Ik dacht echt dat Columbus Australië had ontdekt.
2. weer gezond na een ziekte Vorige week had ik griep, maar nu ben ik weer helemaal beter.