begin

Thesaurus

begin:

start
Vertalingen

begin

Anfang, Beginnbeginning, commencement, outset, inception, opening, startdébut, commencement, origine, départ, inauguration, naissanceprincipio, inizioبَدَايَة, مُستَهلّzačátekbegyndelseαρχή, έναρξηcomienzo, principioalkupočetak始め, 最初시작begynnelse, innledningpoczątekcomeço, inícioначалоbörjanการเริ่มต้นbaşlangıçkhởi đầu, sự bắt đầu开始, 开端 (bəˈxɪn)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud
1. einde moment waarop iets aanvangt in/aan het begin Alle begin is moeilijk. een begin maken met iets
als je het eerste deel goed doet, zal de rest gemakkelijker worden
2. plaats waarop iets aanvangt het begin van de straat