afzonderlijk

Vertalingen

afzonderlijk

abgesondert, besonder, besonders, eigens, einzeln, einzig, seperatseparate, apart, particular, special, separately, singleparticulier, particulièrement, séparé, individuel/-elle, individuellement, particulier/-ière, séparément, détaché, individuelextra, vale a dire個別 (ɑfˈsɔndərlək)
bijvoeglijk naamwoord
elk op zich de afzonderlijke afleveringen van een tijdschrift