afwerken

Vertalingen

afwerken

ausarbeitenfinish, finishoff, workout, absolveacheveracabadofinituraотделкаacabamentoΦινίρισμα整理整理efterbehandlingViimeistelyגימור마무리efterbehandling (ˈɑfwɛrkə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd werkte af , voltooid deelwoord heeft afgewer
1. netjes afmaken een rok in elkaar naaien en dan netjes afwerken
2. helemaal doen en afmaken een opleiding afwerken in drie jaar