| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.768.719.727 Bezoekers. |
|
aftrekken |
0,06 sec. |
|
aftrekken ww aftrekken (trok af enk ovt; heeft afgetrokken volt deelw) [ˈɑftrɛkə(n)]
1 (een getal) kleiner maken (met een ander getal);= verminderen; optellen Ik moet 25 euro reiskosten aftrekken van het honorarium van 100 euro en houd dus 75 euro over. investeringen aftrekken van de winst 2 (een man) seksueel bevredigen Thesaurus Vertalingen aftrekken ablassen, abrechnen, abziehen, aufgießen, infundieren, nachlassen, Rabatt geben, subtrahieren, ziehen lassen aftrekken countdown, discount, infuse, marchoff, rebate, retreat, subtract, withdraw, abate, pants, wank, deduct aftrekken décéder, retrancher, se retirer, soustraire, branler, déduire (de), faire des soustractions, déduire aftrekken dedurre, falcidiare, sottrarre aftrekken odečíst aftrekken trække fra aftrekken αφαιρώ aftrekken vähentää aftrekken odračunati, oduzeti aftrekken 差し引く, 引く aftrekken 공제하다, 빼다 aftrekken trekke fra aftrekken subtrair aftrekken вычитать aftrekken dra av, subtrahera aftrekken ลบออก, ลบออกไป aftrekken çıkarmak aftrekken trừ Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|