aftrek

Thesaurus

aftrek:

afzwakkingvermindering, terugloop,
Vertalingen

aftrek

Abnahme, Absatz, Debit, Vertriebdemand, sale, deductionabattement (ˈɑftrɛk)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud
1. bedrag dat van een ander bedrag afgetrokken wordt hypotheekrenteaftrek
2. goed verkocht worden Gratis online studieboeken vinden gretig aftrek.