| Nederlands Woordenboek / Dutch Dictionary 1.769.301.128 Bezoekers. |
|
afslaan |
0,02 sec. |
|
afslaan ww afslaan (sloeg af enk ovt; volt deelw) [ˈɑfslan]
1 (heeft afgeslagen volt deelw) (wat je aangeboden wordt) niet aannemen;= weigeren;= bedanken voor een uitnodiging afslaan 2 (is afgeslagen volt deelw) (in het verkeer) een andere richting nemen naar rechts afslaan 3 (is afgeslagen volt deelw) ophouden met functioneren De auto is niet in orde: de motor slaat steeds af. Vertalingen afslaan ablassen, abschweifen, abweichen, anhalten, ausmerzen, Halt machen, halten, nachlassen, Rabatt geben, stocken, stoppen afslaan 10.reducetheprice, beatoff, cometoahalt, decrease, discount, godown, halt, knockoff, lower, rebate, reject, stop, strikeoff, turn afslaan abaisser, débattre, dévier, rejeter, répondre, rétorquer, s'arrêter, caler, décliner, enlever, faire tomber, refuser, repousser, tourner/prendre (à gauche), bifurquer, prendre afslaan riduzione Voeg toe aan iGoogle Gratis Website inhoud – Webmaster tools |
|
| Gratis hulpprogramma's: |
Voor bezoekers:
Browser extensie |
Woord van de Dag |
Help
Voor webmasters: Gratis inhoud | Link | Lookup box | Dubbelklik om te zoeken | Wordt onze partner |
|---|