afknappen op

Vertalingen

afknappen op

(ˈɑfknɑpə(n) ɔp)
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd knapte af op , voltooid deelwoord is afgeknapt op
helemaal teleurgesteld raken door Door dat onbeschofte gedrag ben ik helemaal afgeknapt op die vent.