afkeer

Vertalingen

afkeer

Abneigung, Antipathie, Ekel, Übelkeit, Wiederwillenaversion, disgust, dislike, nausea, abhorrenceantipathie, aversion, répugnance, désaffection, dégoût, horreur, phobieavversione (ˈɑfker)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud
grote hekel (aan iets of iemand) een afkeer van vet voedsel hebben