affaire

Vertalingen

affaire

Angelegenheit, Ding, Sache, Werkaffair, business, case, matter, businessdealaffaire, chose, liaison, causecosaaffare, affari, faccenda외도делоAféra事件Афера事件υπόθεση (ɑˈfɛːrə)
zelfstandig naamwoord meervoud -s
1. kwestie een vervelende affaire
2. geheime liefdesrelatie een affaire met een getrouwde man hebben