achteruitgang

Thesaurus

achteruitgang:

break-downverval, depressie, inzinking, recessie, malaise, terugslag,
Vertalingen

achteruitgang

(ˈɑxtərœytgɑŋ)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -en
uitgang aan de achterkant een gebouw door de achteruitgang verlaten

achteruitgang

decline, abatement, goingdown, rear‐exitabaissement, décadence, régression, sortie de derrière, déclin, délabrement, éclipse, récession, rétrogradation (ɑxtərˈœytgɑŋ)
zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud
proces dat iets slechter wordt een achteruitgang van de studieresultaten