achterste

Vertalingen

achterste

('ɑxtərstə)
zelfstandig naamwoord meervoud -n
voorsteeerste de laatste persoon in een rij of groep De achtersten konden niet op tijd remmen en vielen.

achterste

('ɑxtərstə)
zelfstandig naamwoord onzijdig meervoud -n
1. achterwerk Hij gleed uit en viel op zijn achterste.
2. niet alles vertellen wat je weet

achterste

Hintern, After, Arsch, Gesäß, letzte, letzter, letztes, nachherig, nachträglich, später, Hinterteilbackside, hind, hindmost, rump, last, hinder, rear, behind, bum, buttderrière, postérieur, dernier, suivant, arrière, train, fessestorso, posteriore, sedereخَلْف, دُبُرzadekbagdel, bumsοπίσθια, πισινόςtrasero, vagotakapuolistražnjicaお尻, 臀部궁둥이, 엉덩이ende, stomptyłek, zadeknádegas, raboзад, ягодицыbak, rumpaก้น, หลังarka, kıçmông后面, 屁股האחורי ('ɑxtərstə)
bijvoeglijk naamwoord
voorsteeerste in het laatste gedeelte of op de laatste plaats We zaten op de achterste rij. De achterste van de twee wagons was ontspoord. achterstevoren
verontwaardigd zijn of fel protesteren Toen ze de rekening zag, ging ze meteen op haar achterste poten staan.