aankloppen bij

Vertalingen

aankloppen bij

applytorecourir à, s'adresser à (ˈanklɔpə(n) bɛi)
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd klopte aan bij , voltooid deelwoord heeft aangeklopt bij
(iemand) om hulp vragen; een beroep doen op (iemand) bij je ouders aankloppen om je studie te betalen