aanbieden

Thesaurus

aanbieden:

overhandigen
Vertalingen

aanbieden

anbieten, aufführen, bieten, darstellen, präsentieren, vorstellen, empfehlenoffer, bid, makeanofferof, presentwith, occur, tender, propose, sacrificeproposer, offrir, présenterofreceroffrire, sacrificare, sacrificioيُقَدِّمُnabízettilbydeπροσφέρωtarjotaponuditi提供する제공하다tilbyzaoferowaćoferecerпредлагатьerbjudaเสนอเพื่อให้พิจารณาteklif etmekđề nghị (ˈambidə(n))
werkwoord
enkelvoud onvoltooid verleden tijd bood aan , voltooid deelwoord heeft aangeboden
1. geven zonder iets terug te vragen iemand een drankje aanbieden
2. tegen betaling geven aan de toeristen een boottocht door de grachten aanbieden je huis te koop aanbieden