kennis
(ˈkɛnəs)
zelfstandig naamwoord vrouwelijk meervoud 1. wat je weet of hebt geleerd
connaissance vrouwelijk talenkennis connaissance des langues deskundig zijn
être expert 2. bewusteloos
sans connaissance Na een klap op zijn hoofd raakte hij buiten kennis. Après un coup sur la tête, il a perdu connaissance.
kennis
Wissen, Begriff, Bekannter, Kenntnis, Kenntnisse, Wissenschaft, Bekannteacquaintance, knowledge, scienceconnaissance, relation, connaissances, person de connaissance, expérience, instruction, lumières, savoir, scienceznajomy, wiedzaγνώσηconocimientoconoscenza, conoscenteمَعْرِفَةٌvědomostividentietoznanje知識지식kunnskapconhecimentoзнаниеkunskapความรู้bilgisự hiểu biết知识知識ידע (ˈkɛnəs)
zelfstandig naamwoord homograaf vervalt als onderscheid tussen mannelijk, vrouwelijk en 'de' vervalt meervoud -sen iemand die je kent connaisance (kɔnɛsɑ~s) vrouwelijk Ik ken hem niet erg goed. Het is maar een kennis, geen vriend. Je ne le connais pas bien. Ce n'est qu'une connaissance, pas un ami.
Kernerman English Multilingual Dictionary © 2006-2013 K Dictionaries Ltd.